Er is weinig dat de gevierde hoofdredacteur van De Morgen, Yves Desmet, uit zijn goede humeur kan halen. ’t Kan vriezen en ’t kan dooien. Wit of grijs? Om het even, als de kat maar muizen vangt. Klimaatopwarming? Files? De hoest? Het “einde van de middenklasse”? Beurscrisissen of andere ongemakken? Onze beroepscommentator ziet het allemaal aan met het soort nederige glimlach die je enkel bij spirituele leiders als de Dalai Lama, Al Gore of Nelson Mandela aantreft.
Niets kan de positieve beat in de tred van Yves verstoren. Helemaal niets, mensen. Behalve één ding. Eén vermaledijd ding: rooien. Linkse rakkers.
Full time-betogers, andersglobalisten en Jaap Kruithof. Tegen oneerlijke ruilverhoudingen fulminerende congaspelers, die lessen Afrikaanse dans volgen. Vakbondsactivisten die met gebalde vuist de straat oplopen. Zelfs als ze boodschappen doen bij Colruyt. Mannen en vrouwen van het collectief, die niets van de stellingen van het moderne aandeelhouderschap hebben gesnapt.
Sommige lezers van De Morgen zullen hebben opgemerkt dat Yves ook een bijzondere wrok tegen volkshuizen koestert. Inderdaad, volkshuizen. Die oude, geschiedenis ademende, maar door de SP van Tobback, Stevaert en Janssens reeds enige decennia verwaarloosde gebouwen. In ieder geval: nog lang niet verwaarloosd en bouwvallig genoeg, als het van onze hoofdredacteur met de hamer afhangt.
Yves versus de volkshuizen: het komt niet meer goedYves Desmet en de volkshuizen, het is een vertroebelde relatie. Laat het woord “volkshuis” toevallig in een discussie vallen, en er is bij Desmet geen houden meer aan. “Volkshuis”. Pang, tegen het plafond. Lees maar, als u ons niet gelooft:
- “De geschiedenis leert dat de sociaaldemocratie zelden beter is geworden van het volgen van de adviezen van de toogtijgers van de
volkshuizen, het gestaalde kader van de partaai.” (De Morgen, 22/10/2007)
Voor onze Nederlandse lezers: “partaai” is “partij”, maar dan in het Antwerpse dialect.
- “Het gemeenschappelijke van die drie (leidinggevende SP’ers) is net dat ze de
volkshuizen als beschermde werkplaatsen (!) van het socialisme durfden te verlaten en de partij een appel gaven voorbij de klassieke achterban.” (De Morgen, 22/10/2007)
De negativiteit houdt niet op bij dit ene artikel:
- “De eerste uitdaging voor Caroline Gennez: haar troepen weer wegdrijven van de
volkshuizen waarin ze nu hun wonden zitten te likken.” (De Morgen, 4/9/2007)
En verder, in dezelfde denkrichting:
- “Socialisten die geloven dat de oplossing er dus in bestaat zich weer op te sluiten in de
volkshuizen om er met de vakbond en de ziekenkas het eigen grote gelijk te belijden en de oude verworvenheden te verdedigen, die dwalen.” (De Morgen, 4/9/2007)
’t Is nog niet gedaan, mensen:
- “Het
Volkshuis (met hoofdletter!) werd een bunker waarin het eigen grote gelijk beleden werd.” (De Morgen, 30/8/2003)
En Desmet hakt maar door - in artikel na artikel, editoriaal na editoriaal - op deze arme gebouwen. Volkshuizen vormen duidelijk geen verzameling van mortel, bakstenen, vensters, laminaat, buizen, etc. als een andere verzameling van mortel, bakstenen, laminaat, enz.:
- “Wanneer dat sektarisme verengt tot een gesloten groepsdenken dat buiten het
Volkshuis (opnieuw met hoofdletter) enkel vijanden ziet, en wanneer het doel van de plaatselijke partijwerking verschraalt tot cliëntelisme voor de leden en de kaders, is de weg naar de dieperik ingezet.” (De Morgen, 26/8/2003)
Beschermde werkplaats, bunker, gesloten groepsdenken,...Yves lijkt alleen maar slechte dingen met de symbolen van de arbeidersbeweging te associëren. En jawel, deze indruk wordt bevestigd door de volgende vondst:
- “Patrick Janssens kan, nadat hij het college, de socialistische burgemeester en de socialistische topambtenaren mee gedefenestreerd heeft, zich niet ook nog eens de sjerp laten ontfutselen, wil hij door zijn eigen achterban niet op een brandstapel (! - wacht, het komt) midden in het
Volkshuis (!!!) gezet worden.” (De Morgen, 26/3/2003)

(Foto:
Yves Desmet heeft een volkshuis opgemerkt) Petje af, zouden wij zeggen. Nu ook al brandstapels in de volkshuizen! Wat de Twin Towers voor Osama Bin Laden waren, het houten paard voor de ingezetenen van Troje en de ondergrondse bunker van Saddam Hoessein voor president Bush, dat is het Volkshuis voor Yves Desmet. Desmet, die nota bene in de jaren ’80 in Mechelen als jonge universitair nog carrière probeerde te maken binnen de SP. Hij was, zo gebiedt de eerlijkheid ons te melden, trouwens een van de meer linkse figuren (linkser dan Van Miert). Maar in het volkshuis kon hij gewoon niet aarden. Daar is alles beginnen mislopen, op zijn tenen lopend tussen de gestaalde toogtijgers van de partaai.
De speelse directheid van arbeiders uit groot-Antwerpen is de jonge Socialist Yves, zoals zoveel anderen, uiteindelijk teveel geworden. “Zedde gaai ne zanger?” werd hem ooit op een kaasavond van de Mechelse SP door één van de bruten aan de toog gevraagd ("Bent u een zanger", voor onze Nederlandse vrienden). Het ging om een vakbondsmilitant uit de lokale industrie, die het blijkbaar niet op de modegevoeligheid van een aanstormend talent als Yves had begrepen.
Yves, moeten we er nog een tekeningetje bij maken, is deze vorm van gesloten groepsdenken in die bunker van het grote gelijk nooit vergeten. In het volkshuis zagen ze meer een charmezanger dan een proletarisch politicus in hem. Lid van de SP is onze scribent al lang niet meer. Maar voor haar volkshuizen, hoe akelig leeg die door het neoliberale wanbeleid van de SP.a-top ook werden gemaakt... Daarvoor heeft de hoofdredacteur van De Morgen zijn oude partaai nooit vergeven.
(pd)